Tips voor de omgeving
|
|
|
- Ga op een rustig moment met de persoon in gesprek (liefst 1-op-1).
- Houd uw reactie bij uzelf: wat is u opgevallen? Waarom maakt u zich zorgen?
- Vraag om uitleg als u het niet begrijpt en probeer open te staan voor het antwoord.
- Vraag wat de ander nodig heeft: steun, begrip, praktische hulp…?
- Laat weten dat hij of zij bij u terecht kan, bied een luisterend oor.
- Besef dat deze persoon een eetprobleem heeft en niet het probleem is.
- Vermijd kritiek en beschuldig of veroordeel niet.
- Ga het eetgedrag niet overdreven controleren, zorg dat er vertrouwen blijft.
- Maar blijf ook realistisch in wat u vindt en wat u kunt.
- Laat hem of haar zoveel mogelijk eigen verantwoordelijkheid dragen.
- Vermijd hulp onder dwang, iemand moet zelf zijn gedrag willen veranderen, anders heeft behandeling vaak geen zin.
- Benoem wel dat u denkt dat hulp nodig is.
- Besef dat u het probleem niet kunt veranderen, daarvoor is professionele hulp nodig.
- Help iemand bij het zetten van de eerste stap: samen bellen voor de aanmelding, samen naar de intake.
- Toon interesse: in de behandeling, in de eetstoornis, maar ook in de persoon zelf.
- Onderneem samen activiteiten die niets met eten te maken hebben.
- Probeer van de persoon te blijven genieten.
- Blijf denken aan de andere personen in het gezin.
- Blijf ook goed voor uzelf zorgen en stel uw eigen grenzen.
- Zoek steun of hulp voor eigen gevoelens van onmacht, verdriet of boosheid.
|
terug naar de vorige pagina